Modelreglementen
< Alle modelreglementenmr2006
MR2006 1. Definities 01. Definities en bepalingen
In het reglement wordt verstaan onder:
a. “akte”: de akte van splitsing, met inbegrip van de tekening als bedoeld in artikel 5:109 tweede lid van
het Burgerlijk Wetboek, van het reglement alsmede de eventuele wijzigingen en aanvullingen daarvan;
b. “beheerder”: een door de vergadering benoemd (rechts)persoon die nader te bepalen taken van
het bestuur uitoefent, zoals het administratief/financieel beheer, het technisch beheer of het
bouwkundig beheer;
c. “bestuur”: het bestuur van de vereniging als bedoeld in artikel 5:131 van het Burgerlijk Wetboek,
gevormd door één of meer bestuurders;
d. “boekjaar”: het boekjaar van de vereniging;
e. “eigenaar”: de gerechtigde tot een appartementsrecht als bedoeld in artikel 5:106 vijfde lid van het
Burgerlijk Wetboek, waaronder begrepen een erfpachter, opstaller, vruchtgebruiker of gerechtigde krachtens een recht van gebruik en/of bewoning op een privé gedeelte respectievelijk appartements recht, tenzij uit de tekst of de strekking van het desbetreffende artikel anders blijkt;
f. “gebouw”: het gebouw of de gebouwen dat/die in de splitsing is/zijn betrokken;
g. “gebruiker”: degene die als huurder of anderszins, anders dan krachtens een beperkt recht, het
gebruik van het privé gedeelte heeft als bedoeld in artikel 5:120 van het Burgerlijk Wetboek;
h. “gemeenschap”: de in de splitsing betrokken goederen;
i. “gemeenschappelijke gedeelten”: die gedeelten van het gebouw en/of de grond die blijkens de
akte niet bestemd zijn of worden om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt;
j. “gemeenschappelijke zaken”: alle zaken die bestemd zijn of worden om door alle eigenaars of een
bepaalde groep van eigenaars gebruikt te worden voor zover niet vallende onder i;
k. “grond”: (het recht op) de grond die in de splitsing is betrokken;
l. “huishoudelijk reglement”: het huishoudelijk reglement als bedoeld in artikel 59 van het reglement;
m. “jaarrekening”: de jaarrekening waarin is opgenomen een balans en een exploitatierekening
met toelichting;
n. “jaarverslag”: het verslag van het bestuur over de gang van zaken in de vereniging en het
gevoerde beleid;
o. “onderappartementsrecht”: een appartementsrecht ontstaan bij een ondersplitsing;
p. “ondereigenaar”: de eigenaar van een onderappartementsrecht;
q. “ondersplitsing”: de splitsing in appartementsrechten als bedoeld in artikel 5:106 derde lid van het
Burgerlijk Wetboek;
r. “privé gedeelte”: het gedeelte of de gedeelten van het gebouw en/of de grond dat/die blijkens de akte
bestemd is/zijn of worden om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt;
s. “raad van commissarissen”: de raad van commissarissen als bedoeld in artikel 2:48 juncto artikel 5:135
van het Burgerlijk Wetboek;
t. “reglement”: het reglement van splitsing als bedoeld in de artikelen 5:111 en 5:112 van het Burgerlijk
Wetboek, inhoudende onder meer de statuten van de vereniging en de rechten en plichten van
de eigenaars;
u. “reglement van ondersplitsing”: het voor de ondersplitsing geldende reglement van splitsing;
v. “reservefonds”: het reservefonds als bedoeld in artikel 5:126 eerste lid van het Burgerlijk Wetboek;
w. “vereniging”: de vereniging van eigenaars als bedoeld in artikel 5:112 eerste lid onder e en artikel
5:124 van het Burgerlijk Wetboek;
x. “vereniging van ondereigenaars”: de vereniging van eigenaars ontstaan bij de ondersplitsing;
y. “vergadering”: de vergadering van eigenaars als bedoeld in artikel 5:112 tweede lid onder d en artikel
5:125 eerste lid van het Burgerlijk Wetboek;
z. “voorzitter”: de voorzitter van de vergadering.
MR2006 4. Afwenden onmiddelijk dreigend gevaar 06. Gebruik, beheer en onderhoud gemeenschappelijke zaken
Iedere eigenaar en gebruiker is te allen tijde bevoegd en verplicht tot het nemen van maatregelen, die strekken tot het afwenden van een voor de gemeenschappelijke gedeelten of de gemeenschappelijke zaken onmiddellijk dreigend gevaar. Hij is alsdan verplicht het bestuur onverwijld te waarschuwen.
MR2006 5. Belangrijke schade in privé-gedeelte 01. Definities en bepalingen
In het geval dat in een privé gedeelte belangrijke schade is ontstaan of dreigt te ontstaan of gevaar dreigt voor ernstige hinder van de andere eigenaars en gebruikers, is iedere eigenaar en gebruiker verplicht het bestuur onverwijld te waarschuwen en de nodige maatregelen te nemen.
MR2006 8.2 Gerechtigheid tot baten, Verplichte bijdrage 02. Aandelen die door splitsing ontstaan
De eigenaars zijn voor de in het eerste lid bedoelde breukdelen gerechtigd tot de baten die aan de gezamenlijke eigenaars toekomen en zijn voor diezelfde breukdelen verplicht bij te dragen in de schulden en kosten die voor rekening van de gezamenlijke eigenaars zijn.
MR2006 8.3 Verdeling canon/retributie 02. Aandelen die door splitsing ontstaan
Indien een recht van erfpacht of opstal in de splitsing is betrokken zal voor de verdeling van de canon/ retributie over de eigenaars gelden hetgeen met de grondeigenaar daarover werd overeengekomen.
MR2006 8.4 Breukdelen bij ondersplitsing 02. Aandelen die door splitsing ontstaan
Ingeval van ondersplitsing gelden de rechten en verplichtingen van de eigenaar van het in de ondersplitsing betrokken appartementsrecht als rechten en verplichtingen van de ondereigenaars gezamenlijk in overeenstemming met de bepalingen die vastgesteld zijn bij het reglement van ondersplitsing
MR2006 9.1 Onderhoud of gebruik, Vernieuwing/vervanging, Kosten/schulden vereniging, Schadevergoeding, Kosten rechtsgeding, Verzekeringspremies, Publiekrechtelijke lasten, Verwarmingskosten, Kosten waterverbruik, Canon/retributie, Overige schulden en kosten 03. Baten, schulden en kosten en reserveringen ten behoeve van het reservefonds
Tot de schulden en kosten van de gezamenlijke eigenaars als bedoeld in artikel 5:112 eerste lid onder a van het Burgerlijk Wetboek worden gerekend:
a. die welke gemaakt zijn in verband met het onderhoud of het gebruik van de gemeenschappelijke
gedeelten of van de gemeenschappelijke zaken of tot het behoud daarvan;
b. die welke verband houden met noodzakelijke herstelwerkzaamheden, vernieuwingen en
vervangingen van de gemeenschappelijke gedeelten en de gemeenschappelijke zaken, voor zover die ingevolge het reglement of een rechterlijke beslissing als bedoeld in artikel 5:121 van het Burgerlijk Wetboek niet ten laste komen van bepaalde eigenaars, en voor zover die niet vallen onder a;
c. de schulden en kosten van de vereniging;
d. het bedrag van de schadevergoeding door de gezamenlijke eigenaars als zodanig verschuldigd
aan één van hen of aan een derde;
e. de gerechtelijke en buitengerechtelijke kosten verbonden aan het optreden als eiser of als
verweerder door of namens de gezamenlijke eigenaars, onverminderd het bepaalde in artikel 13
derde lid;
f. de premies verschuldigd uit hoofde van de verzekeringen, die door het reglement zijn voor
geschreven of waartoe ingevolge artikel 15 door de vergadering is besloten;
g. de verschuldigde publiekrechtelijke lasten voor zover geen aanslag is opgelegd aan de
afzonderlijke eigenaars;
h. de verwarmingskosten in geval het een gemeenschappelijke installatie betreft, waaronder begrepen
de kosten van de warmwaterinstallaties, de brandstofkosten, de elektriciteitskosten, de op de desbetreffende kosten betrekking hebbende administratie, alsmede, voor zover van toepassing, de kosten van registratie en de berekening van het warmteverbruik, alles voor zover de eigenaars daarvoor niet afzonderlijk worden aangeslagen;
i. de kosten van het waterverbruik voor zover de eigenaars daarvoor niet afzonderlijk worden aangeslagen;
j. alle overige schulden en kosten, gemaakt in het belang van de gezamenlijke eigenaars als zodanig, daaronder begrepen de schulden en kosten die voortvloeien uit besluiten van de vergadering.
MR2006 10.4 Beschikkingsbevoegdheid, Beschikken over reservefonds 03. Baten, schulden en kosten en reserveringen ten behoeve van het reservefonds
Over gelden van het reservefonds kan slechts door de voorzitter van de vergadering en één van de eigenaars, die daartoe door de vergadering zal worden aangewezen, en na machtiging daartoe van de vergadering, worden beschikt.
MR2006 12.1 Jaar-/exploitatierekening 04. Jaarlijkse begroting, jaarrekening en bijdragen
Na afloop van elk boekjaar maakt het bestuur de jaarrekening en het jaarverslag op. Uit de tot de jaarrekening behorende balans moet de grootte van het reservefonds blijken. De tot de jaarrekening behorende exploitatierekening vormt de rekening als bedoeld in artikel 5:112 eerste lid onder b van het Burgerlijk Wetboek en omvat de baten en lasten over het boekjaar, onderverdeeld in de posten genoemd in artikel 11 eerste lid.
MR2006 12.2 Jaarstukken 04. Jaarlijkse begroting, jaarrekening en bijdragen
In de jaarvergadering bedoeld in artikel 45 tweede lid legt het bestuur de jaarrekening ter vast stelling over aan de vergadering. De jaarrekening wordt ondertekend door de bestuurders en de commissarissen. Ontbreekt een raad van commissarissen en wordt omtrent de getrouwheid van de stukken aan de vergadering niet een verklaring overgelegd afkomstig van een accountant bedoeld in artikel 2:393 eerste lid van het Burgerlijk Wetboek, dan brengt de kascommissie bedoeld in artikel 58 tweede lid ter vergadering verslag van haar bevindingen omtrent de jaarrekening uit.
MR2006 12.3 Vaststelling definitieve bijdragen 04. Jaarlijkse begroting, jaarrekening en bijdragen
Bij het vaststellen van de jaarrekening bepaalt de vergadering tevens de definitieve bijdragen van de eigenaars, met inachtneming van de verhouding als is bepaald in artikel 8 tweede lid.
MR2006 12.4 Tekort/overschot 04. Jaarlijkse begroting, jaarrekening en bijdragen
Bij de toepassing van het in het derde lid bepaalde treden de definitieve bijdragen in de plaats van de in artikel 11 tweede lid bedoelde voorschotbijdragen. Indien deze voorschotbijdragen de definitieve bijdragen te boven gaan, zal het verschil aan de eigenaars worden terugbetaald, tenzij de vergadering anders besluit. Indien de definitieve bijdragen de voorschotbijdragen te boven aan, moeten de eigenaars het tekort binnen een maand na de vaststelling van de exploitatierekening aanzuiveren, tenzij de vergadering anders besluit.
MR2006 13.1 Verschuldigd bedrag als niet wordt voldaan 04. Jaarlijkse begroting, jaarrekening en bijdragen
Indien een eigenaar het ingevolge artikel 11 en/of artikel 12 door hem aan de vereniging verschuldigde bedrag niet binnen een maand nadat het bedrag opeisbaar is geworden aan de vereniging heeft voldaan, is hij zonder dat enige ingebrekestelling is vereist in verzuim en is hij over dat bedrag, van
de datum van opeisbaarheid af, een rente verschuldigd, berekend op basis van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 van het Burgerlijk Wetboek, met een minimum van tien euro (€ 10,–) of zoveel meer als de vergadering telkenjare mocht vaststellen. Het bestuur is bevoegd dit bedrag te matigen. Artikel 41 is niet van toepassing.
MR2006 13.2 Omslag definitieve bijdrage 04. Jaarlijkse begroting, jaarrekening en bijdragen
Indien een eigenaar het bedrag van zijn definitieve bijdrage niet binnen zes maanden na verloop van de termijn als bedoeld in artikel 12 vierde lid heeft voldaan, wordt zijn schuld omgeslagen over de andere eigenaars in de onderlinge verhouding als is bepaald in artikel 8 tweede lid, ongeacht de maatregelen die jegens de nalatige eigenaar kunnen worden genomen en onverminderd recht van verhaal van de andere eigenaars op eerstgenoemde.
MR2006 13.3 Vergoeding gemaakt kosten 04. Jaarlijkse begroting, jaarrekening en bijdragen
Een eigenaar is verplicht alle door de vereniging gemaakte kosten, die van rechtskundige bijstand daaronder begrepen, voor het verhalen van het door die eigenaar aan de vereniging verschuldigde, zowel in als buiten rechte, aan de vereniging te vergoeden.
MR2006 14.1 Hoofdelijke aansprakelijkheid 04. Jaarlijkse begroting, jaarrekening en bijdragen
Voor het geval een appartementsrecht aan meer eigenaars gezamenlijk toebehoort, zijn die eigenaars hoofdelijk aansprakelijk voor de verplichtingen die uit de gerechtigdheid tot dat appartementsrecht voortvloeien, tenzij de onverdeeldheid het gevolg is van een ondersplitsing.
MR2006 14.2 Aansprakelijkheid bij ondersplitsing 04. Jaarlijkse begroting, jaarrekening en bijdragen
In geval van ondersplitsing zijn de ondereigenaars gezamenlijk aansprakelijk voor de nakoming van de verplichtingen die uit de gerechtigdheid tot het in de ondersplitsing betrokken appartementsrecht voortvloeien.
MR2006 14.3 Aansprakelijkheid beperkt gerechtigde, Aansprakelijkheid bij erfpacht 11. Overdracht appartementsrecht. Vestiging en overdracht beperkte rechten
Indien een recht van erfpacht, vruchtgebruik, of van gebruik en/of bewoning op een privé gedeelte respectievelijk appartementsrecht is gevestigd, treedt de beperkt gerechtigde in de plaats van de eigenaar ten aanzien van de aansprakelijkheid voor de gezamenlijke schulden en kosten, tenzij bij de akte van vestiging van het recht anders is bepaald.
MR2006 15.1 Verplichte verzekeringen 05. Verzekeringen
Het bestuur zal het gebouw verzekeren bij één of meer door de vergadering aan te wijzen verzekeraars tegen water, storm, brand en ontploffingsschade. Het bestuur zal tevens een verzekering afsluiten voor de wettelijke aansprakelijkheid die kan ontstaan voor de vereniging en voor de eigenaars als zodanig. Voorts zal de vergadering bevoegd zijn te besluiten tot het aangaan van verzekeringen tegen andere gevaren of tegen de wettelijke aansprakelijkheid van een bestuurder.
MR2006 15.2 Vaststelling verzekeringsbedrag 05. Verzekeringen
Het bedrag van de verzekeringen wordt vastgesteld door de vergadering. Het zal wat de opstal verzekering betreft moeten overeenstemmen met de herbouwkosten van het gebouw. De vraag of deze overeenstemming bestaat, zal periodiek gecontroleerd moeten worden in overleg met de verzekeraar.
MR2006 15.3 Tenaamstelling verzekeringen 05. Verzekeringen
Verzekeringsovereenkomsten worden door het bestuur afgesloten ten name van de vereniging en de gezamenlijke eigenaars. Het is daartoe, voor zover het betreft de in de eerste zin van het eerste lid bedoelde verzekeringen, slechts bevoegd indien het bepaalde in het vijfde lid wordt nageleefd.
MR2006 15.4 Schadepenningen 05. Verzekeringen
De eigenaars verbinden zich de uit hoofde van de verzekeringsovereenkomsten als bedoeld in de eerste zin van het eerste lid uit te keren schadepenningen, indien deze een bedrag gelijk aan één procent van de verzekerde waarde van het gebouw te boven gaan, te doen plaatsen op een voor de financiering
van het herstel van de schade krachtens besluit van de vergadering door het bestuur te openen afzonderlijke rekening ten name van de vereniging, die de op deze rekening gestorte gelden zal houden voor de eigenaars. Deze gelden dienen steeds bestemd te blijven voor het herstel of de wederopbouw, onverminderd artikel 5:136 vierde lid van het Burgerlijk Wetboek.
In geval van toepassing van het bepaalde in laatstgenoemde artikel zal, indien een eigenaar zich heeft schuldig gemaakt aan een daad of verzuim welke krachtens de wet of de verzekeringsvoorwaarden gehele of gedeeltelijke ongehoudenheid van de verzekeraar tot uitkering van de schadepenningen tot gevolg zou hebben, de uitkering van het aandeel van de desbetreffende eigenaar dienen te geschieden aan de verzekeraar.
MR2006 15.5 Verplichte clausule 05. Verzekeringen
Het bestuur dient ervoor te zorgen, dat de verzekeringsovereenkomsten als bedoeld in de eerste
zin van het eerste lid de volgende clausule bevatten:
“Zolang de eigendom van het hierbij verzekerde gebouw gesplitst is in appartementsrechten, gelden de volgende aanvullende voorwaarden.
Een daad of verzuim van een eigenaar, welke krachtens de wet of de verzekeringsvoorwaarden gehele of gedeeltelijke ongehoudenheid van ondergetekenden tot uitkering van de schadepenningen tot gevolg zou hebben, laat de uit deze polis voortvloeiende rechten onverlet.
Niettemin zal de maatschappij in zodanig geval gerechtigd zijn, mits zij voor de uitkering de wens daar toe te kennen heeft gegeven, een aandeel in de schadepenningen overeenkomende met het aandeel waarin de desbetreffende eigenaar in de gemeenschap gerechtigd is, van deze terug te vorderen. Ingeval van toepassing van artikel 5:136 vierde lid van het Burgerlijk Wetboek zal de uitkering van het aandeel in bedoeld geval in plaats van aan de eigenaar geschieden aan de maatschappij.
Gaat de verschuldigde uitkering een bedrag van elfduizend driehonderd vijfenveertig euro (€ 11.345,–) te boven, dan geschiedt zij op de wijze te bepalen door de vergadering van eigenaars, zulks blijkende uit een door het bestuur gewaarmerkt afschrift van de notulen van de vergadering.
Door uitkering overeenkomstig de voorwaarden dezer polis zal de maatschappij tegenover alle belang hebbenden volledig zijn gekweten”.
MR2006 15.6 Herstel/herbouw 05. Verzekeringen
In geval door de vergadering besloten wordt tot herstel of herbouw, is het bepaalde in artikel 5:136 tweede tot en met vierde lid van het Burgerlijk Wetboek en artikel 5:138 van het Burgerlijk Wetboek van toepassing, met dien verstande dat uitkering van het aan iedere eigenaar toekomende aandeel in de schadepenningen aan deze, voorzover het bepaalde in het vierde lid niet van toepassing is, slechts zal kunnen geschieden met toestemming van degenen die op het desbetreffende appartementsrecht een recht van hypotheek hebben.