Modelreglementen

< Alle modelreglementen

Gebruik

MR2017 36c.1 Annex 20. Annex 1 - bepalingen wanneer privégebruik afhankelijk van vergadering

Indien een Eigenaar zijn Privé-gedeelte aan een ander in gebruik wil geven, kan die ander het gebruik slechts verkrijgen voor zich en eventuele huisgenoten, na voorafgaande schriftelijke dan wel per e-mail verleende toestemming van het Bestuur.

MR2017 36.1 Uitsluitend gebruik, Aansprakelijkheid eigenaar 08. Eigenaar zelf in gebruik nemen van privé-gedeelte

Iedere Eigenaar en Gebruiker heeft het recht op het uitsluitend gebruik van zijn Privé-gedeelte.

MR2017 36.1 Uitsluitend gebruik, Aansprakelijkheid eigenaar 20. Annex 1 - bepalingen wanneer privégebruik afhankelijk van vergadering

Een Eigenaar behoeft de toestemming van het Bestuur alvorens zijn Privé-gedeelte zelf en met de met name genoemde huisgenoten in gebruik te nemen of een tot dusverre niet tot zijn huisgenoten behorend persoon bij zich te doen inwonen.

MR2017 36.2 Inwonende huisgenoten, Aansprakelijkheid eigenaar 08. Eigenaar zelf in gebruik nemen van privé-gedeelte

Een Eigenaar behoeft geen toestemming om, met zijn eventuele huisgenoten, zijn Privé-gedeelte in gebruik te nemen of om een tot dusver niet tot zijn huisgenoten behorend persoon bij zich te doen inwonen.

MR2017 36.2 Inwonende huisgenoten, Aansprakelijkheid eigenaar 20. Annex 1 - bepalingen wanneer privégebruik afhankelijk van vergadering

Het verzoek om toestemming wordt door de Eigenaar (waaronder begrepen de koper of andere verkrijger van het Appartementsrecht) schriftelijk of per e-mail aan het Bestuur gedaan onder het verschaffen van de namen van zijn huisgenoten voor wie de toestemming tot de bewoning mede wordt gevraagd en onder vermelding van alle verlangde gegevens die dienstig kunnen zijn voor de beslissing op het verzoek.

MR2017 36a.2 Inwonende huisgenoten, Aansprakelijkheid eigenaar 20. Annex 1 - bepalingen wanneer privégebruik afhankelijk van vergadering

Indien het Bestuur de toestemming weigert kan de gegadigde in beroep komen bij de Vergadering. Deze wordt in dat geval terstond bijeen geroepen en kan beslissen ongeacht het aanwezige quorum, terwijl de termijn van oproeping ten hoogste drie dagen bedraagt.

MR2017 36c.2 Annex 20. Annex 1 - bepalingen wanneer privégebruik afhankelijk van vergadering

Het bepaalde in Artikel 36 is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat het verzoek om toestemming door de Eigenaar en de beoogde Gebruiker gezamenlijk moet worden gedaan onder overlegging van de overeenkomst of andere titel waaraan de beoogde Gebruiker zijn recht ontleent of zal ontlenen.

MR2017 36.3 Annex 20. Annex 1 - bepalingen wanneer privégebruik afhankelijk van vergadering

Het Bestuur is verplicht om binnen veertien dagen na ontvangst van het verzoek de verzoeker in de gelegenheid te stellen dit mondeling toe te lichten, waarbij hij zich kan doen vertegenwoordigen of doen bijstaan door een raadsman. Het Bestuur moet daarna binnen acht dagen op het verzoek beslissen. Het brengt de gemotiveerde beslissing onverwijld schriftelijk of per e-mail ter kennis van de verzoeker.

MR2017 36a.3 Annex 20. Annex 1 - bepalingen wanneer privégebruik afhankelijk van vergadering

Het bepaalde in Artikel 36a.1 en 36a.2 is mede van toepassing bij executoriale verkoop door de hypothecaire schuldeiser of beslaglegger, tenzij de bedoelde schuldeiser voor de verkoop aan het Bestuur bij aangetekende brief heeft medegedeeld dat hij in de verkoopvoorwaarden de bepaling wenst op te nemen, dat de koper een verklaring zal kunnen afleggen krachtens welke hij en zijn huisgenoten bevoegd zullen zijn het Privé- gedeelte in afwijking van het bepaalde in Artikel 36.1 en Artikel 36c.1 zelf in gebruik te nemen of aan derden in gebruik te geven zonder dat hiervoor enige toestemming vereist is. De bedoelde verklaring dient te worden opgenomen in een daartoe bestemde notariële akte, waarvan een afschrift zal worden ingeschreven in de openbare registers voor registergoederen gelijktijdig met het afschrift of uittreksel van het proces-verbaal van toewijzing of van de akte van levering bij verkoop als bedoeld in artikel 3:268, lid 2 BW. Het Bestuur is verplicht de verklaring ter kennis te brengen van de andere Eigenaars.

MR2017 36c.3 Annex 20. Annex 1 - bepalingen wanneer privégebruik afhankelijk van vergadering

De toestemming van het Bestuur is ook vereist indien de Gebruiker een tot dan niet tot zijn huisgenoten behorend persoon bij zich wenst te doen inwonen.

MR2017 36.4 Annex 20. Annex 1 - bepalingen wanneer privégebruik afhankelijk van vergadering

Weigering van de verzoeker of van de huisgenoten die hij heeft opgegeven, mag slechts plaatsvinden indien van de overige bewoners in redelijkheid niet kan worden verlangd dat zij de betrokkene(n) in hun midden opnemen.

MR2017 36c.4 Annex 20. Annex 1 - bepalingen wanneer privégebruik afhankelijk van vergadering

De toestemming van het Bestuur is pas geldig nadat de beoogde Gebruiker de verklaring bedoeld in Artikel 37 heeft afgegeven.

MR2017 36c.5 Annex 20. Annex 1 - bepalingen wanneer privégebruik afhankelijk van vergadering

De toestemming om als huisgenoot het Privé-gedeelte mede te gebruiken heeft tot gevolg dat de huisgenoot geen toestemming behoeft als bedoeld in de voorgaande Artikelen indien hijzelf Gebruiker of Eigenaar wordt, mits voldaan is aan de overige vereisten voor het verkrijgen van de toestemming, zoals het afgeven van de verklaring bedoeld in Artikel 37.

MR2017 36.5 Annex 20. Annex 1 - bepalingen wanneer privégebruik afhankelijk van vergadering

Bij de toepassing van de in Artikel 36.4 vermelde norm zal het Bestuur in het bijzonder acht slaan op de solvabiliteit van de betrokkene(n). Het Bestuur kan in verband daarmee verlangen dat de verzoeker zorgdraagt voor een verklaring dienaangaande van een door het Bestuur aan te wijzen accountant. De kosten van deze verklaring komen voor rekening van de verzoeker.

MR2017 36.6 Annex 20. Annex 1 - bepalingen wanneer privégebruik afhankelijk van vergadering

De verzoeker kan binnen veertien dagen na het verzenden van de beslissing daartegen in beroep komen bij de Vergadering. Artikel 49.3 is van overeenkomstige toepassing.

MR2017 36.7 Annex 20. Annex 1 - bepalingen wanneer privégebruik afhankelijk van vergadering

De Vergadering stelt de verzoeker in de gelegenheid het beroep mondeling toe te lichten, waarbij hij zich kan doen bijstaan of vertegenwoordigen door een raadsman.

MR2017 36.8 Annex 20. Annex 1 - bepalingen wanneer privégebruik afhankelijk van vergadering

De Vergadering geeft binnen veertien dagen daarna haar gemotiveerde beslissing en brengt deze onverwijld schriftelijk ter kennis van de betrokkene(n).

MR2017 37.1 Vereisten ingebruikgeving 09. Eigenaar in gebruik geven van privé-gedeelte aan gebruiker

Een Eigenaar kan de aan zijn Appartementsrecht verbonden gebruiksrechten door een ander laten uitoefenen, mits hij er voor zorgdraagt dat die ander het gebruik slechts verkrijgt na ondertekening van en afgifte aan het Bestuur van een in drievoud opgemaakte en gedagtekende verklaring dat hij de bepalingen van het Reglement en het eventuele Huishoudelijk Reglement, alsmede eventuele regels als bedoeld in artikel 5:128, lid 1 BW, voor zover die op een Gebruiker betrekking hebben, zal naleven en deze drie exemplaren van de verklaring door het Bestuur voor gezien zijn ondertekend. Een Eigenaar wordt geacht aan het in de vorige zin bepaalde te hebben voldaan indien de in de vorige zin bedoelde verklaring van de Gebruiker is opgenomen in de overeenkomst waarbij het Privé-gedeelte met inbegrip van het medegebruik van de Gemeenschappelijke Ruimten en Gemeenschappelijke Zaken aan de Gebruiker is verhuurd of op andere wijze in gebruik is gegeven en een kopie of een uittreksel van deze overeenkomst in drievoud aan het Bestuur ter hand is gesteld en deze drie kopieën of uittreksels door het Bestuur voor gezien zijn ondertekend. In afwijking van het bepaalde in de vorige zin kan het Bestuur met een Eigenaar als hiervoor in dit Artikel bedoeld ook andere afspraken maken ter waarborging van het belang dat degene die het gebruiksrecht uitoefent gebonden is aan de bepalingen van het Reglement en het eventuele Huishoudelijk Reglement, en aan eventuele regels als bedoeld in artikel 5:128, lid 1 BW, voor zover die op een Gebruiker betrekking hebben.

MR2017 37.3 Reikwijdte van de verklaring 09. Eigenaar in gebruik geven van privé-gedeelte aan gebruiker

De in Artikel 37.1 bedoelde verklaring wordt geacht ook betrekking te hebben op besluiten en bepalingen die na die verklaring worden genomen respectievelijk vastgesteld, tenzij een beroep op die besluiten en bepalingen jegens de Gebruiker in strijd zou zijn met de redelijkheid en billijkheid. Artikel 5:128, lid 2 BW is van toepassing.

MR2017 37.4 Uitzondering 09. Eigenaar in gebruik geven van privé-gedeelte aan gebruiker

Het bepaalde in de voorgaande leden van dit Artikel is niet van toepassing op Gebruikers ten tijde van de totstandkoming van de Splitsing, tenzij de kantonrechter op de voet van
artikel 5:128, lid 2 BW anders beslist.

MR2017 37.5 Mededelingsplicht bij wijzingen 09. Eigenaar in gebruik geven van privé-gedeelte aan gebruiker

Het Bestuur stelt de Gebruiker op de hoogte van iedere aanvulling of verandering van het Reglement of het eventuele Huishoudelijk Reglement, alsmede van eventuele regels als
bedoeld in artikel 5:128 BW

MR2021 38. Geschillenbeslechting 17. Geschillenbeslechting

Geschillen tussen eigenaars onderling of tussen een of meer eigenaar(s) en de vereniging kunnen worden voorgelegd aan de beheerder als bedoeld in artikel 37, of aan een of meer deskundige(n). Deze kan/kunnen het geschil beslechten door middel van arbitrage of bindend advies, maar ook door bemiddeling. Dat kan gebeuren op grond van een gezamenlijke keuze van de betrokkenen.

MR2006 38. Regeling ondergebruik 09. Eigenaar in gebruik geven van privé-gedeelte aan gebruiker

De artikelen 35 tot en met 37 zijn van overeenkomstige toepassing op de gebruiker die zijn rechten ontleent aan een andere gebruiker.

MR2006 38. Annex 20. Annex 1 - bepalingen wanneer privégebruik afhankelijk van vergadering

De artikelen 34c tot en met 37 zijn van overeenkomstige toepassing op de gebruiker die zijn rechten ontleent aan een andere gebruiker.
Eventueel op te nemen in het huishoudelijk reglement bij splitsing van een nieuw woongebouw
a. Het aanbrengen van harde vloerbedekking in de privé gedeelten, met uitzondering van de badkamer(s),
de keuken(s), en de toiletruimte(n), is slechts toegestaan indien onder die vloerbedekking een dusdanig veerkrachtig materiaal is aangebracht dat een isolatie­index voor contactgeluiden (Ico) wordt bereikt welke aan een minimale waarde voldoet als vermeld in het bouwbesluit dat gold ten tijde van de afgifte van de bouwvergunning voor het gebouw.
De isolatie­index wordt bepaald volgens de norm “NEN5077 geluidswering in gebouwen”.
De vloerconstructie dient als “zwevende” vloer dus geheel vrij van de bestaande betonvloer casu quo wandconstructie te worden uitgevoerd. Een uiterst zorgvuldige uitvoering (door een erkend bedrijf/ deskundige) is hierbij een vereiste.
b. Indien een van de eigenaars het vermoeden heeft dat een vloer of vloerbedekking van een aangrenzend privé gedeelte niet voldoet aan de norm zoals is vermeld in lid a, dan is deze eigenaar gerechtigd een geluidsonderzoek in te laten stellen.
c. De eigenaar van het appartementsrecht recht gevende op het gebruik van het in lid b bedoelde aangrenzend privé gedeelte is gehouden om, zonder enig recht op schadevergoeding, medewerking te verlenen aan het laten plaatshebben van bedoeld geluidsonderzoek.
d. Het geluidsonderzoek dient door een erkend onderzoeksbureau te worden uitgevoerd. Het bestuur zal, in overleg met betrokken partijen, het onderzoeksbureau aanwijzen.
e. De kosten van het geluidsonderzoek zijn voor rekening van de eigenaars op wiens verzoek het geluid­ sonderzoek wordt uitgevoerd, tenzij uit het onderzoek blijkt dat de vloer of de vloerbedekking niet voldoet aan de in lid a gestelde norm. Alsdan zijn de kosten van het geluidsonderzoek voor rekening van de eigenaar van het appartementsrecht recht gevende op het gebruik van het privé gedeelte waarvan blijkt dat de vloer of vloerbedekking niet voldoet aan de in lid a gestelde norm.
f. Indien uit het geluidsonderzoek mocht blijken dat de vloer of de vloerbedekking niet voldoet aan de in lid a gestelde norm, dan is de betreffende eigenaar gehouden om voor eigen rekening en risico dusdanige voorzieningen te treffen dat de vloer alsnog aan de bedoelde norm voldoet.
g. Indien het niet mogelijk blijkt om passende voorzieningen te treffen zoals bedoeld onder f, dan is de desbetreffende eigenaar gehouden om voor eigen rekening en risico de vloer of vloerbedekking te verwijderen.
h. De uitvoering van dit artikel vindt plaats zonder enige rechterlijke tussenkomst.